Ga naar hoofdinhoud

De strop van tomeloze ambities van de overheid

Het realiseren van gestelde doelen: voor veel gemeentes is dat een flinke opgave. Men schiet van – vaak abstracte – doelen direct in de uitvoering en dat is funest voor het behalen ervan, betoogt Ronald de Waard. In deze tijd rondom de gemeenteraadsverkiezingen zie je dit vaak gebeuren, maar er zijn meer voorbeelden waar ambitie realisatie in de weg staat.

We zien het gebeuren in de collegeprogramma’s: deze stukken hebben vaak het karakter van een verlanglijstje voor Sinterklaas. Er wordt volop met zegeningen gestrooid, maar de consequenties en randvoorwaarden worden regelmatig onvoldoende in het oog gehouden. Mijn inziens begint het allemaal met een kritische beschouwing in het college over de maatschappelijke doelen, randvoorwaarden voor succes en eventuele beperkingen. Van wishful thinking naar realistische verwachtingen. Dat vermindert de kans op allerlei uitvoeringscomplicaties.

Een ander, aardig voorbeeld is de klimaatadaptatie en energietransitie. Burgers worden via allerlei wegen gestimuleerd om hun daken vol te leggen met zonnepanelen. Inmiddels loopt het systeem echter krakend vast omdat netwerkbeheerders de capaciteit niet hebben om de gegenereerde energie in te zetten voor huishoudens. Voor een deel is dit onontkoombaar, maar het had wat vernuftiger gekund. Er zijn wel allerlei ambitieuze doelen gesteld, maar geen strategie ontwikkeld om deze doelen ook daadwerkelijk te bereiken.

Een tijdje geleden was ik bij een gemeente met een flinke woningbouwambitie, maar zoals bij veel gemeenten was er ook nogal wat personeelsverloop. En dan komt corona. En de Omgevingswet. En de RES. En al die andere organisatiedingetjes die vréééselijk belangrijk zijn. In zo’n situatie is het essentieel om keuzes te maken en prioriteiten te stellen. En soms ook “nee” te durven zeggen.

Wat ook niet meehelpt, zijn de tomeloze ambities van het Rijk. De meest majeure wetgevingsoperatie sinds mensenheugenis moet worden doorgevoerd in een tijd waarin enorme personeelstekorten zijn, er 100.000 nieuwe woningen gebouwd moeten worden en er een pandemie gaande is. Alle kennis en ervaring die nu in huis is, wordt ondermijnd. Een dergelijk wetgevingstraject vraagt capaciteit, maar ook het werken met de nieuwe systemen en nieuwe woningen vragen tijd. Daarbovenop gaan ook nog eens alle procedures op de schop. De gemeentelijke koekjesfabriek draait al jaren volgens een bepaald systeem. Ingewikkeld, zeker,  maar er worden in ieder geval koekjes gebakken. En dat gaat nu wel een probleem worden. Je kunt niet én een nieuwe fabriek neerzetten en tegelijkertijd de productie opvoeren.

De politiek in Den Haag wekt de indruk los te staan van de dagelijkse realiteit en dat zou zo maar eens voor grote problemen zorgen. Nu moeten alle maatschappelijke ambities in het fysieke domein worden gerealiseerd, terwijl tegelijkertijd alle bestaande werkwijzen en procedures bij de vuilnisbak worden gezet.  Er hebben mensen om minder het pand in overspannen toestand verlaten.

Wat dan wel? Laten we bijvoorbeeld eerst de Omgevingswet in een aantal pilotgemeentes uitwerken en de systemen goed uittesten. En daarvoor dan ook de middelen beschikbaar stellen. Op basis van de opgedane kennis en ervaring kan het stelsel dan verder worden uitgerold over het vaderland. Daarna kijken we wel weer verder.

Back To Top